Simone de B. door R. van de Struik; ‘Als dokter der filosofen’
(aug 25-mei 26)
- Abstractie in essentie (aug)
- Als dokter der filosofen
- Voornaamste woorden (‘Tweede leg’)
- Van achter bergen
- Troost biedende uitroeptekens
- Een vrouw, zelfstandig (‘Onafhankelijkheid’)
- Wachten op Chnoem
- De Gelukkige
- Uitkijken over mistige velden (sep)
- Zonnekater
- Radler voor Boeren
- Hij mag
- Ik mag
- Leuk geprobeerd
- struikgeritsel (nov)
- het vooruitzicht
- denkend aan.. (dec)
- Op een dag als deze
- Hij heeft het mij beloofd, (jan26)
- De Steen Der Wijzen
- daags na Valentijn (feb26)
- ’s nachts
- Periodiek Systeem
- zoals een getuige zegt (mrt26)
- ..dus vertel ik hem
- Je kunt je afvragen
- Als ik hem vragen zou
- Ik begeef mij (mei26)
===
Abstractie in essentie
Ik stond te wachten op jou
bij de slagboom van de spoed
met het bewijs voor het bestaan.
Misschien keek men uit het raam
om te zien of je me kussen zou,
of dat ik zelf iets doen wou.
Het was niet nodig,
ik kleurde al zonder zoen
zoals gisteren samen in de zon;
stralend en afdwalend in elkaar,
in onze ogen,
in een geslaagde poging tot verpozing,
waar loze dingen voor mogen dringen
op het zingen van afgezaagde en wringen-
de betekenis- en bekentenisliedjes:
verzinnen we binnen ‘a minute’ een whizzkid
die op een blits wit dak van een cabrio zit
in de studio waar voor de embryodisco
de kool meer dan een geit dolt.
GeenSpijt
rolt als een dol paard door de straat waar
jouw wagen wijd geparkeerd staat.
En jij gaat
wuivend, stuiterend, bruisend
geluid nalatend, weer
de tijd inhalen,
de levensdagen vertalen
vanav’nd.
===
als dokter der filosofen
ik zou de gedichten lezen
en al vrezend zeeg jij neer
bezeerde jouw tere knieën
bijna weer voor de tigste…
mijn glimlach glom zelfs
als pleister op de wonden
jouw zonden verdwenen
in het stralen van mijn…
jij mag mij zeker beroeren
met ruwe handen, je grove
mond mijn naevus kussen
sussend in mijn oren…
je hebt mijn hart zover
opgestookt dat ik janken
wil als een wolf bij volle
maan mijn verstand…
alles wil ik aannemen
van jou en de woorden
die soms over mij gaan
maar vaak ook over…
jij hebt het zo bedacht
dat ik nu dit verhaal
vertel en niet weet wat
ik bedoel met deze…
maar ik neem het over
bij deze tover ik strofen
uit de hoed waar jij mij
voor wilde gaan…
===
Voornaamste woorden
Ik kijk tegen stapels op,
terwijl ik achter mijn laptop
blijf denken aan jou,
-ze zouden eens moeten weten
wat ik hen aandoe
met uitstel op hun vragen.
Jij zet mij op scherp
met gebruik van voornaamste woorden,
betekenislagen in (mis)gebruikte taal;
ik hoor je door muren van stilte heen,
door sociaal acceptabele rust en leegte,
je gelijk halen met tegendraads gestrekte benen.
Mijn grijns is niet meer te stuiten,
ik wil mij te buiten gaan
aan dwarsheid van jouw raad en daad;
ik wil mijn verlangens niet langer
achter diplomalijsten als behang
verstoppen omdat dat zo hoort.
Bergen zijn er om bedwongen te worden,
horden kunnen gewoon omver geschopt,
mits ze op weg naar je doelen staan,
aan stapels is geen eer te behalen;
liever wil ik in liefde verdwalen
en wat leven biedt geheel doorvoelen.
===
Van achter bergen
De kracht die mij steeds
in vervoering brengen kan,
hangt op de bank en lacht
om zijn eigen gevatheid.
En dat, hij,
zou als een lawine
mijn veilige wereld
binnengetuimeld zijn?
Met zijn handen, zijn woorden,
zijn stem
(je zou ‘m eens moeten horen),
waarmee hij elk vuur op hoopt te stoken,
de tijd zegt af te kunnen remmen,
als hij het nodig acht, negen keer per dag,
allen overspannen achterlaten zou,
in elke ijdele overtuiging denk te mogen poken?
Mijn zintuigen verzengen niet,
noch verdoven zij,
gelukkig:
juichend gaan zij kopje onder
in de vloedgolf aan verering
van opmerkelijke bergmeren
die wij,
trail-runnend,
al kussend vinden willen/
zullen!
Alleen aan mij, zegt hij,
laat hij,
intussen en onderwijl,
van vlammen
de versleten tanden zien,
van giftige taal
de spiegelende elementen,
voor een slap verhaal
het juiste momentum.
Dat dan weer wel.
===
troost biedende uitroeptekens
De zomerzon schijnt fel op verplichtingen
die liggen te wachten op mijn bureau,
terwijl mijn haren nog naar rook ruiken
van een vakantieland dat in brand stond.
Het vuur in mijn hart wat die smart verdrijft,
blijft gedurende deze wegglijdende werkuren
mijn denken in de luren leggen:
het schenkt jou, en wat jij te zeggen hebt,
als een toverbrouwsel in mijn heimelijke dromen.
Ik wil in je armen komen, terecht
trillend door jouw vingers stroom ik dan, echt
een leven tegemoet van alles geven en nemen.
Wat wij elkaar zowaar te bieden hebben.
Als de wereld zou vergaan,
een apocalyptisch bestaan op de loer ligt,
wellicht onze allerlaatste dagen geteld zijn,
zullen wij van pure liefde het einde versteld doen staan.
Maar nu is het slechts het licht wat het zicht op het beeld,
door wild dwarrelende stofdeeltjes,
deze woorden, onmogelijk maakt.
Zonder verkoelende schaduw die het heden teder raakt
als de fluwelen vacht van mijn geestige knuffelbeest.
Elk woord leidt mij terug naar de vlucht die ik en jij
met onsmeltbare vleugels over de mythische muzenberg,
op weg naar de weldadigste bron, nemen
met flinke teugen levensvreugde en geluk;
drukkende drukte of afleidende prikkels die wij
rustig gaan ombouwen tot bedreven doch
lustig leven op basis van vertrouwen
en een imposant stuk aantrekkingskracht.
Toch.
Ik stroop mijn mouwen alvast op,
om de klus te klaren,
over mijn tedere en eerlijke huid
met sterrenbeelden van luide,
troost biedende uitroeptekens
van hoop en liefde in weelde.
===
Een vrouw, zelfstandig
Om met deur en lekkere man
binnen te komen vallen:
ik houd er wel van
een heilig huisje om te knallen,
al laat mijn buitenkant niets zien
wat niet binnen de veilige kaders
van ‘een welopgevoed meisje’ past;
jullie zullen verrast zijn,
als ik de onderkant van mijn tong
zou showen,
-of walgen,
dat hangt van je voorkeuren af.
Het raamkozijn waardoor ik
naar buiten kijk, staat netjes
in de voorstrijk;
de keukenkraan lekt nooit,
zoals vroeger bij ons ‘tuus’;
m’n kleren zijn echt schoon
en soms zelfs gestreken;
ik heb om acht uur weer eens
het walgjournaal gekeken
op mijn onbetaalbare,
herinneringsvolle bank.
Jullie hoeven mijn steunen
niet te horen, als hij mij,
onder andere,
onder handen neemt;
mijn kreunen, als ik hem
tevreden
vertel wat hij wel goed deed en
wat volgende keren beter kan.
Zonder vloeken of schelden zelfs;
deze man is ook enigszins helder
uit de dood herrezen,
net als de here jezus,
niet dat hij beter gekleed is,
maar lekkerder is ‘ie wel!
===
Wachten op Chnoem
Vanuit mijzelf kwam ik op,
waar ik geland ben,
de Neith van het rationele weten;
waar ik vooruitschrijdend verstand plan,
overstijgend denken manage,
als ondersteuning van de vleugels:
deze lange gangen der kennis
der genezing,
waar ik een wereld gebouwd heb,
het brein van jou in detail verbeeld wordt,
-de zenuwen
zorgen dat je af en toe als geheel neerstort;
waar ik onze werelden bewust verweef,
omdat wij wij zijn;
waar ik eerst nóg hoger proberen moest,
boven het geheel en het mogelijke,
met rode kroon en al,
tonen zou dat ik vliegen kon.
Maar jij, schots
en scheef, daarentegen,
weet de wegen naar de Helikon:
een bron waar ik ook uit komen kan,
waar het muzische
en het weten samen stromen
in verlangen naar elkaar.
===
De Gelukkige
Op het balkon, de laatste zon:
een alcoholvrije; bijdehanter
dan de tantes met tegeltuinen
en perfect gezoomde gordijnen
waar geen spatje op komen mag.
Voorbij de sterren wil ik kijken,
waar hij die beelden ziet bij naam
als wij straks in het zwartste woud
van de diepe nacht stil liggen gaan;
deze ene liefde uitdijen laten,
voor dit eeuwig durend altijd,
als dit hele heelal allang vergaan zijn zal,
en al
wat dies meer zij..
.. in ieder geval: voor nu
zit ik hier goed;
de avond mag vallen.
En, ach,
de slag om zeeën van gevoel,
de verbrande schepen,
tot op de bodem gegrepen raken,
die heb ik verloren.
Als De Gelukkige na
Ruangthong’s magnifieke
Keng Mèh Kruá
en de melancholisch makende
Nuá Toen Naahm Puung:
smaken pur sang.
===
uitkijken over mistige velden
onze dromen komen overeen
met de levensmogelijkheden
meebewegen en overwegen
vrolijke stemmingen
als opzwellende snaren
zullen wij verwaaien
over onweerlegde grenzen
van toets- en tastpartijen
boven planken zweven
stuiterend getrommel najagen
als was het de wind zelve
over de uitgestrekte vlakte
van het plat pratende land
hand in onverlegen hand
zitten onder verstande
van de weidse woestenij
samen tussen aren pitten
in de eerste likkende zonnestralen
uitkijken over mistige velden
===
Zonnekater
De zomer is voorbij,
het festival is over;
het regent ook in mijn hoofd.
Ik ben het hoofd!
Iedereen doet anders,
ziet me anders dan voorheen.
Maar de zomer was zo mooi,
zo wonderbaarlijk puur
als liefde zijn kan;
de muziek klonk beter
dan ooit tevoor,
het eten kon niet heet genoeg zijn.
Als het aan mij lag,
mag het hele leven lang
één groot zomerfeest zijn;
dagelijks ontwakend
tussen mistige velden
verhit door jouw armen,
wachtend op de zon
die onze vaste dansgrond
weer komt warmen.
===
Radler voor Boeren
Ook mij kan het gebeuren,
dat ene moment
in de zon, die lach
waardoor de wolk
voor onze ogen breken kon;
struikelen door de realiteit,
feiten schudden als kaarten,
mijn kalme aard door de wind
op hol laten slaan en losgaan
op nadelige scenario’s;
mijn bureau bij wijze van,
maar alleen als voorbeeld voor zo’n raar geval dan,
leeggeruimd en in een tas,
bij gebrek aan een doosje, groot hoeft ‘t niet,
als poespas ingepakt
om weg te kunnen rennen,
om me niet te laten kennen,
om het boerse verstand te jennen.
Ik hoef niet aan onze geur te wennen,
als ik zijn ogen
verdronken door mijn zijn glijden voel,
wij beiden niets liever doen,
geen van ons anders bedoelt.
Ik,
als zelf- en welgevormde vrouw,
ken pappenheimers
waar de gemiddelde zelfberijder,
net als veel vrouwen trouwens,
in de hele wereld nog niet,
of nooit niet van mogen dromen;
ik ben al op bijzondere plekken gekomen.
Wanneer deed jij voor ‘t laatst
een poging
om op een koude bergtop
jouw plas te laten stomen?
===
Hij mag
Hij mag wel zeggen
dat ik me heb laten meeslepen
aan mijn goudgele haren
door de bergen
voor het effectbejag.
Hij mag ook vertellen
wie van de goden mij wil
doden of beminnen
om die loden last
van zijn schouders te werpen.
Hij mag mij zeker
aanspreken op openlijk dwepen
met zijn helblauwe ogen
waar hij mij hemeltergend
mee bevredigt.
Hij mag natuurlijk
grijpen naar mijn keel
met mijn hart verwarmende woorden
terwijl hij mij vast
wijst op wat komen kan.
Hij mag meer
dan altijd weer hetzelfde
hondenharenlaken en pak
chocomel op volle dagen
met vlagen van ideeënzeeën.
Hij mag mij wel.
===
Ik mag
Ik mag wel zeggen
dat hij zich niet moet laten kennen
onder druk van de pillen en grillen
in de dalen
van zijn ziekteverloop.
Ik mag ook vertellen
wat zijn persoonlijkheid doet
met en bovenop mijn
dankzij bepaalde indicatoren
relatief rustige bestaan.
Ik mag hem zeker
beperken in zijn continue stroom
aan opborrelende verhalen
waardoor ik overdonderd raak
én vaak opgewonden.
Ik mag natuurlijk
tekeer gaan als een beest
in zijn hartverwarmende armen
wanneer ik volmondig instem
met alles wat er komen gaat.
Ik mag meer
bewust zijn van mijn eigen
verdiensten en bijzondere vermogen
over verloren dromen
en opgedoemde bergen heen te komen.
Ik mag hem wel.
===
Leuk geprobeerd
Nee,
ik zal niet liegen
als je mij vraagt
wat ik ervan vind,
ik draai niet graag
om de zaken heen
om jou te besparen;
als je mij vraagt,
door je knieën gaat,
mij smekend aankijkt,
krijg je een antwoord,
het eerlijke verhaal,
wat ik ervan vind.
Als je mij vraagt,
wat ik verwacht,
als ik dan luister,
dan zou ik spreken,
zonder enig uitstel,
zonder oponthoud;
ik zal nooit liegen
als je het vragen zou,
het überhaupt wou,
het is te flauw dan
om te reageren met:
leuk geprobeerd.
===
struikgeritsel
ik stop hem in mijn borstzak
terwijl ik naar schaatsen kijk
zijn rondetijden scherp houd
koude handen wantrouw ik
liever de zachte tanden dan
knabbelend over het randje
waar elk verstand voorbij is
dat van mij in het bijzonder
dus ben ik onder de indruk
wonderlijk wat hij aangrijpt
om mij mijzelf te laten zijn
vóór de verglijdende grens
de wensen hebben gezichten
in gedichten in zijn woorden
als akkoorden ondergebracht
als de nachtliederen te horen
voor de gespitste oren alleen
door het struikgeritsel heen
bleef hij maar eens stilzitten
dan kon ik hem wel pakken
waar ik hem net gestopt had
===
het vooruitzicht
het gesprek met de grote baas
of een verbreding van functie
de oplossing voor toegenomen
complexiteit ondervangen kan
het symposium in het centrum
van to-do-lijsten en de agenda
vol overlopende najaarshopen
knopen die doorgehakt worden
het jaarlijks opkomende ge-app
in familie- en vriendengroepen
mensen die roepen om matigen
verzadigen hetgeen met ideeën
het schipperen met kindertijd
vleiende woordjes verzachten
verwachtingsvolle droge ogen
‘ongelogen’ de allerliefste zijn
het hardlopen in de ochtend
gezochte sok in de wasmand
broodkorsten op de bordrand
tandenpoetsen op turbostand
het verstand op doorbuffelen
ff wat knuffel-emoji’s sturen
zieke collega’s en oppasburen
de cadeautjes komen later wel
het strand en de duinen lonken
tijd om dronken door zijn ogen
weggezonken de golven te laten
komen en gaan zoals wij willen
===
denkend aan…
jaarplan afgeklopt
met gezonde doelen en cijfers
symposium rond
op van die laatste puntjes na
prompt de prompt gevonden
maar de trainee die alsnog vergat
wat ook ik niet meer wist
maar uiteindelijk toch in een laatje
of achter een deurtje zat
dat was nog uren zweten
voordat ik naar huis kon
weer warm eten bij de buren
dat gelukkig te wachten stond
en de basketbalballonsurprise
beplakt met krantenslierten
vol lijm
(uit reuzenverslindershanden)
begon zelfs ontzaglijk te lijken
(in niet-overdrachtelijk zin)
op wat het eindresultaat
in mijn hoofd moet zijn
-wat blijkt te werken
dus vlug knus voor de buis
eindelijk thuis
de eilandverleidingsherhaling opzuigen
en stoppen met denken aan
mijn eigen ruige overlever
zijn geduldige gulzige ogen
zijn nooit opgevende gulle lach
mijn abnormale aantrekking tot zijn
aan toverkracht grenzende
levenswandelpiraterij
===
Op een dag als deze
Op een dag als deze
krijg ik van hem
een foto van de plek
waar destijds alles
echt beginnen kon
Mijn verlangen
brandend als de zon
wat ik had bedacht
landend in zijn ogen
op dat zomers strand
Van buiten naar binnen
zoals dat heet
geblakerd als het vers
ontdooid zuiver vlees
op die smeulende hitte
Van zo’n toen
dat nooit meer
terugkomen zal
al zullen wij tal van
jaren samen zijn
===
Hij heeft het mij beloofd,
Hij heeft het mij beloofd,
als Pegasus vandaag
alsnog door de witte hemel
vertraagd glijden wil,
de westelijke wind
stil liggen gaat,
zal hij zich
vanavond neervlijen
aan mijn verlangende zijde.
Maar de sneeuwt steekt
scherp in verheugende ogen,
onder onverhoopte vleugels,
de vervlogen wensen
der goden,
het vonnis
door Hermes uitgesproken,
alleen met smeltwater
kan het vuur geblust worden.
===
De Steen Der Wijzen
Ik droomde van De Steen Der Wijzen
als de zuiverste onlogica
ondanks te worden verslonden
door een kop
aan één van de zeven nekken
ik weer vlug
naar het begin klom.
Ik wilde ziektes genezen
de dood verslaan
verder gaan dan
alleen leren verstaan
wat de elementen zeggen.
Ik wilde dat leren lezen
die taal verstaan
verder gaan als
leven ook bleek te slaan
om prestaties neer te zetten.
Ik reisde van het achterland
naar het zuidelijkste Afrika
kwam ongeschonden door Londen
en de top
van één of meerdere bergen
terug bij
waar het om begon.
Ik droomde van De Steen Der Wijzen.
===
daags na Valentijn
daags na Valentijn
vind ik het nog steeds prettig
dat hij verwittigt
voor altijd en immer
de mijne te zijn
zo’n truttig berenkaartje
of een bos chemische bloemen
kunnen mij gestolen worden
maar zijn oprechte woorden
die wil ik horen
die wil ik voelen
die wil ik zien
op een plek als deze
waar ik vrijwel dagelijks
de kans krijg om ze te lezen
tussen verdichte regels door
maar daar doe ik het niet voor
met alleen mooie zinnen
houdt hij mij niet binnenboord
om mij werkelijk te scoren
moet hij mij ook willen horen
moet hij mij ook willen voelen
moet hij mij ook willen zien
voor wat ik waard ben
en de twijfel die ik zeker ken
dat moet hem voor ogen staan
als hij echt voor mij wil gaan
===
’s nachts
’s nachts geef ik hem soms een kusje
als hij zo’n beweeglijke nacht heeft
als hij weer
door woeste dromen herbeleeft
wat hij overleven moest
en zou
wat nooit meer hoeft
omdat ik liever voel
-en gauw!
dat hij mij kusjes geeft
de zoete zachtheid beleeft
dat wij op onze dromen
in vertrouwen zweven kunnen
dus blijf ik hem die kusjes gunnen
zolang hij met mij samen
leeft
en niet alleen maar komt
en dan weer gaat
met een big smile op z’n gelaat
die mannen ken ik
onderhand wel
die donder ik
met of zonder voorvel-
behandeling
een rechte of kromme banaan
sans discussion
uit het wijd openstaande raam
echter zal ik hem
met zijn alomtegenwoordige stem
kusjes blijven geven
al was het maar
omdat hij ook mijn leven
verzekerd
bevredigend, veelzijdig
naakter
duidelijk maakt
===
Periodiek Systeem
O!
handleiding voor deze tijd,
zeg me waar je blijft,
deze oneindig lijkende dagen
als wij niet samen zijn;
ik krijg geen grip
op te beklimmen bergen,
geen Olympus rijzend
voor mij vandaag,
geen tergend trage Helikon
waar het gemis ooit gelaagd
als zijn muzische prooi begon.
Ieder webdomein onder de zon,
wat ik maar verzinnen kon,
ieder asdeeltje der bibliotheek
van Alexandrië geblazen;
razend waren de goden en de doden,
en zelfs de kleitabletten zwegen
in welke pretvertaling dan ook.
De steen van Rosetta begon te roken
onder haar gefossiliseerde denken,
waar gouden maatstaven werden gebroken
voor mij. Echter:
niks of niemand had verstand van
zaken die met hem te maken hebben.
Ik moet mijzelf maar zien te redden,
er bestaat geen derdehands zelfhulpboek,
geen renstappenplan of struikdiagram.
Een periodiek systeem bedenken,
uitzwenkende emoties nummeren,
aantallen kerngevoelens plus gedachten
per hartslag in ongebonden toestand
in geconfigureerde blokken vangen,
zodat ik mijn eindeloze verlangen,
als vluchtig element,
als een orbitaaltype begrijpen
en in de hand houden kan.
===
zoals een getuige zegt
In een weelde van
onaffe schakelingen
bouwsteen voor steen
over de tegenstellingen
zie ik hem
meester der rangschikking
vliegen
en hij ziet mij
opstijgen
uit beteugelde beugels
wegschieten
in alle ruimte
op vleugels
door verbrokkelende muren
afgronden als verblekende
redenen bij samenzijn
Ik riep
ik adem met jou
toon de tintelingen
motiveer met mijn stem
in vernieuwende
niet overnemende
autonome verbondenheid
Zoals een getuige zegt
“Keer-op-keer met de vijf kleuren
dobbel stenen en combineer
kies en kruis aan in de vakjes
denk aan de rijen en de jokers
scoor met kolommen en kleuren.”
===
..dus vertel ik hem
..dus vertel ik hem
wat me nu weer is overkomen
met die ouwe dokters
geen doctoren
die mannetjes onder mekaar
die de dienst uit zouden maken
de boel wel even regelen
met hun gelikte praatjes
maar intussen geen bal
juist wisten te raken
er volkomen naast zaten
niet op de hoogte welke wegen
überhaupt te bewandelen waren
waarna ik
een dik uur later
als enige aanwezige kennisdrager
als vrouw
natuurlijk
alles weer recht kon praten
de belanghebbenden meenemen
via ter zake doende raad & daad
betrouwbare informatie
en effectieve strategieën
wat tot de conclusie
en een nieuwe afspraak leidde
met mij alleen
er is weer zorggeld verspild
en een stereotypering bevestigd
wat ik dus wilde zeggen
om hem een beetje op te beuren
===
Je kunt je afvragen
Je kunt je afvragen
welke pennenstreken
hoeveel zinnenstreling
geschreven per dag
hij nu weer bedacht
elke keer nodig heeft
om voor tenminste
vandaag en zichzelf
het bewijs te leveren
dat hij wel echt bestaat.
Ik ken geen twijfel
over zijn bestaansrecht
welke trekken zijn
gedreven karakter
en persoonlijkheid
nastrevenswaardig
of overbodig blijken
en ik zal niet zeiken
over die ene blauwe
plek op mijn billen.
===
Als ik hem vragen zou
Als ik hem vragen zou
of alles wel echt was
zoals geschreven staat
wat hij vertelde toen
tot op de dag van vandaag
met zijn hyperheldere ogen
Als ik hem confronteer
appeleer aan zijn trekjes
waarover hij zo vaak praat
hem die spiegel voorhoud
zeg dat ik hem niet geloof
op zijn verdichte woorden
Als ik hem stevig beoordeel
hoe hij bij veel anderen doet
niet bang voor bloedhanden
zijn vulkanische dans imiteer
leer ik zijn perspectieven te zien
en te begrijpen vanuit zijn lijden
Als ik hem alsnog afwijs
die grijze platen weggooi
zooi en plooien gladstrijk
van zijn rituelen afwijk
hem boontjes doppen laat
blijkt hij ook gewoon te zijn.
===
Ik begeef mij
Ik begeef mij in het onvoltooide heden
eeuwigdurend als je mij vraagt
hoe lang deze tijd nog duren mag
toch kunnen we niet om de golven heen
die hij met mij zal moeten breken
de vlagen die hij zijn gerechte rug toekeren wil
Als ik hem soms stiekem van achteren bekijk
struinend door zijn bezoedelde uiterwaarde
op hoop broedend voor de beduimelde aarde
dan kan ik mij niet aan de onwetenschappelijke indruk onttrekken
dat hij de wervelkolom van de werkelijkheid liefst rechtzetten zou
en intussen worstelt met de vraag hoe hij trouw blijft aan zichzelf
Maar hij twijfelt niet aan
wat rechtvaardigheid is
– noch over mij