Met de inkt van onvolkomen woorden,
de splinters van leed
teken ik mijn spiegel gebroken.
~ ~ ~
Onder een rouwkleed bedolven,
doordrenkt met zoute waterstromen;
mijn ziel, door de leugen bedrogen.
~ ~ ~
De genadevolle waarheid blaast hoge golven,
waardoor een diep gerimpeld laken
van mijn wezen glijdt.
~ ~ ~
De liefde bedaart het suizen,
de splinters zinken diep
in het onbewogen water.
~ ~ ~
De lenzen van het afgebogen licht
die de glorie doen stralen,
de pupillen van Jezus die openbaren
hoe een koninklijk erekleed
zich met mijn ziel verweeft.
de splinters van leed
teken ik mijn spiegel gebroken.
~ ~ ~
Onder een rouwkleed bedolven,
doordrenkt met zoute waterstromen;
mijn ziel, door de leugen bedrogen.
~ ~ ~
De genadevolle waarheid blaast hoge golven,
waardoor een diep gerimpeld laken
van mijn wezen glijdt.
~ ~ ~
De liefde bedaart het suizen,
de splinters zinken diep
in het onbewogen water.
~ ~ ~
De lenzen van het afgebogen licht
die de glorie doen stralen,
de pupillen van Jezus die openbaren
hoe een koninklijk erekleed
zich met mijn ziel verweeft.