Oorlog.
Lieve woorden liggen als gesneuvelde soldaten verspreid over het niemandsland.
Je daden verschuilen zich in de loopgraven van mijn gedachten, in de hoop onopgemerkt te blijven.
Rondom mij ontvouwt zich een slagveld gevuld met hartstochtelijke tranen.
Elke dag voelt als vechten tegen een strijd die nooit mocht plaatsvinden.
Daden van ongekende hoogte die niet meer ontsnappen aan de vijand. Ik. De vijand.
Een eindeloze strijd geleid door een vijand die nooit bereid was de wapens op te nemen, noch ze neer te leggen.
Een naderend einde van een verstikkende oorlog waar zelfrespect het slachtoffer van werd.
Waar beloften als kogels door de lucht raasden, heerst nu een oorverdovende stilte.
Rode klaprozen groeien over de heuvels van een slagveld dat nooit meer hetzelfde zal zijn. Ik. Het slagveld.
Wapenstilstand.