Op een boerderij woonde een heel slim kuiken.
Op een dag zei zijn moeder dat hij niet van het erf af mocht gaan, want er was in het bos een wolf gezien.
“Puh!” zei het slimme kuiken, “die wolf maakt mij niks!”
Hij wandelde het erf af.
Toen zag hij de wolf.
“Ha, een smakelijk hapje!” riep de wolf uit.
“Ik ben helemaal niet bang voor jou,” zei het slimme kuiken.
“Zonder met mijn ogen te knipperen, eet ik jou op,” lachte de wolf.
“Zonder met mijn ogen te knipperen, laat ik mij opeten,” antwoordde het slimme kuiken.
“Dan zeg ik tegen mezelf, eet smakelijk!” zei de wolf.
“Wacht!” riep het slimme kuiken uit. “Met mayonaise ben ik veel lekkerder!”
“Waar is die mayonaise dan?” vroeg de wolf.
“Ik ga het wel even halen,” zei het slimme kuiken.
“Als je niet terugkomt, dan eet ik je moeder op,” waarschuwde de wolf.
Even later kwam het slimme kuiken, druipend van de mayonaise, weer terug.
“Doe je bek maar open!” riep hij uit.
Het slimme kuiken nam een aanloop en sprong in de bek van de wolf.
Hij gleed de keel in, zoefde door de maag en darmen, en floepte er aan de achterkant weer uit.
De wolf wandelde weg, tevreden met zijn smakelijke hapje.